Cambodja: The Killing Fields en Angkor Wat
Na onze Mekong boottrip staan we met de groep te wachten op de bus die ons vanaf de grens naar de hoofdstad Phnom Penh zal brengen. Er arriveert een wat oudere bus, waar we ondanks een moedige poging niet met dertig man inpassen. Gelukkig weet de chauffeur nog een kleiner busje te regelen. Eenmaal onderweg valt ons op hoe plat Cambodja wel niet is: we kunnen kilometers ver kijken! De hoofdstad ligt 40 kilometer verderop en de busrit zou dan ook niet langer moeten duren dan 45 minuten. Na twee bijna-botsingen met loslopende koeien komen we op een asfaltweg in aanbouw, wat betekent dat het onwijs stoffig is en we geen hand voor ogen zien (en als wij al niks zien..). Het begint ook al donker te worden, waardoor het zicht er niet beter op wordt. Iedereen in de bus houdt iets voor de mond en neus om het stof niet te hoeven inademen. Het wordt nog spannender als blijkt dat de bus kuren heeft. Het lijkt alsof de versnellingsbak niet helemaal naar behoren functioneert waardoor de motor meerdere malen afslaat. Als we op een gegeven moment helemaal stilstaan, claimt de chauffeur dat de benzine op is. Hij belt met het hotel waarbij hij is aangesloten en geeft de telefoon aan Simon, een Engelse binnen onze groep. De dame aan de lijn probeert hem uit te leggen dat wij de chauffeur 5 dollar moeten lenen zodat hij benzine kan gaan halen, het moet niet gekker worden!! We besluiten geen geld te geven en op een of andere miraculeuze wijze blijkt onze vriend de buschauffeur toch geld te hebben om benzine te halen. Hij springt achter op de scooter en komt een paar minuten later terug met een jerrycan benzine. Opgelucht stappen we weer in de bus om onze reis voort te zetten. Jammer genoeg slaat de motor nog een paar keer af en zijn we al drie keer uitgestapt om te wachten tot onze chauffeur besluit weer een poging te wagen. Als we de vierde keer stilstaan aan de kant van de weg (en het is ondertussen pikkedonker!), zijn we er sterk van overtuigd dat onze chauffeur ons in het ootje probeert te nemen. We hebben eerder gelezen dat dit vaker gebeurt. Ze proberen de busreis zo lang mogelijk te rekken om ervoor te zorgen dat je als toerist zo laat mogelijk aankomt. Ze zetten je dan af bij hun hotel en hopen dat je vanwege vermoeidheid geen zin meer hebt om verder te zoeken naar een ander hotel. Hier hebben we geen zin in!

Op zondagochtend zitten we rond half tien met z'n zessen aan het ontbijt. Na stevig onderhandelen huren we twee tuktuks voor de dag. Ons eerste station zijn de Killing Fields. De Killing Fields (of Choeung Ek Genocide centrum) reflecteren de meest barbaarse acties van het Ultra Communistische Khmer Rouge Regime gedurende de periode 1975-1979. De Khmer Rouge (of het Rode Leger) onder leiding van Pol Pot, implementeerde één van de meest verschrikkelijke revoluties die de mensheid ooit heeft meegemaakt. Gedurende vier jaar werden honderdduizenden Cambodjanen uit de steden verdreven naar het platteland, waar ze werden doodgemarteld of geëxecuteerd. Duizenden hoger opgeleiden of mensen die een buitenlandse taal spraken, werden bestempeld als parasieten en systematisch uitgeroeid.
Als direct resultaat van het gevoerde beleid van het rode leger, stierven bijna drie miljoen mensen (eenderde van de bevolking) in een periode van vier jaar. In Choeung Ek zijn ongeveer 20.000 mensen geëxecuteerd en vermoord. 129 massagraven en 8000 menselijke schedels geven een beeld van deze horrorperiode in Cambodja.


Op maandag besluiten we lekker rustig aan te doen. Na een langgerekt ontbijt nemen we een tuktuk naar het Tuol Sleng museum waar we de film zien die twee maal per dag draait. We komen Simon en Sarah daar tegen en spreken af 's avonds een hapje te gaan eten. Daarna zoeken we nog even een internetcafé op om daarna wat te chillen in het hotel. We eten 's avonds gezellig met Sarah en Simon in het backpackersgedeelte van de stad.


Gezien het hoge reistempo van de laatste maanden hebben we besloten de laatste weken in december lekker op een eiland in Thailand door te brengen. Jammer genoeg is het weer daar niet optimaal en na een grondig onderzoek blijkt dit op de meeste eilanden en duikoorden (we willen ons duikbrevet gaan halen!) in Azië hetzelfde te zijn. Daarom besluiten we om na Cambodja direct door te vliegen naar Australië. Australië is thuisland van het grootste koraalrif ter wereld, een uitstekende plek om het duiken te leren! Op donderdag besteden we onze tijd aan het boeken voor de tickets naar Australië. Het is gelukt! Op 9 december vliegen we met Air Asia naar Kuala Lumpur om daar een nacht te verblijven voordat we doorvliegen naar het plaatsje Goldcoast in Australië.

De zaterdag besteden we aan het regelen van een aantal zaken en bereiden we ons mentaal voor op ons laatste station in Azië: Kuala Lumpur! Op zondagochtend zitten we om zes uur 's morgens in een tuktuk die ons naar het vliegveld van Siem Riep brengt. Met de slaap nog in de ogen nemen we de laatste beelden van Cambodja in ons op; wat is dit een geweldig land met een ontzettend treurige geschiedenis, om kippenvel van te krijgen.
Vietnam!
We zijn aangekomen in alweer het zevende land van onze reis: Vietnam. Het land van onafhankelijkheidsleider Ho Chi Minh, de conische hoedjes en de Amerikaanse oorlog. Vanuit Luang Prabang vliegen we in een uurtje naar de Noord-Vietnameze stad Hanoi. Vanaf het vliegveld rijden we met drie Nederlanders in een taxi naar het oude centrum van de stad. We hebben een hotel uitgezocht, maar die blijkt helaas vol te zitten. Maar niet getreurd, want als je met je grote rugtas door de smalle straatjes loopt, komen de verkoopgrage Vietnamezen vanzelf op je af. Terwijl de bromfietsen aan alle kanten langs ons scheren, worden we door de hotelpromoters aangevallen: 'Want a room Sir?', 'Where are you from?'. We laten ons meelokken naar een hotel, maar de medewerkers proberen de kamers zo agressief te verkopen dat we maar besluiten verder te gaan kijken. Na wat zoekwerk vinden we een redelijk hotel en laten ons moe op bed vallen. We zijn na de rust van Laos toch even overdonderd door alle drukte, chaos en verkoopdrang van de Vietnamezen. Met een biertje in de hand slaan we de drukte vanaf een dakterras even later rustig gade.

De wekker gaat vroeg af de volgende ochtend. We gaan naar Halong Bay! Dit is een enorme baai met meer dan 3000 eilandjes die uit het heldere turkoois water omhoogsteken. Laurens haalt eerst de camera op en yes, hij doet het weer! We kopen op straat een pakketje 'sticky rice' en springen daarna de bus in. Met 10 andere mensen rijden we in drie uurtjes naar Halong City. Onderweg zien we dat een Vietnamees het voorelkaar heeft gekregen om een compleet volwassen paard achterop zijn scooter te vervoeren. Later zien we nog een ezel, een koe en 2 varkens achterop gebonden. Creatief!

Als we wakker worden en naar buiten kijken zien we een mooi heldere lucht. Beter dan de dag ervoor en het landschap is zo nog indrukwekkender. Na het ontbijt varen we in een andere boot richting Cat Ba Island. Dit is het grootste eiland van Halong Bay, dat voor de helft uit een nationaal park bestaat. Als we zijn afgestapt, beginnen we met een korte jungletrekking. We beklimmen de vrij steile heuvels en lopen door de af en toe dichte bebossing. De temperatuur begint aardig op te lopen dus het komt goed uit dat we daarna de boot weer opstappen. We varen een stukje en gaan voor anker. Al snel liggen we daarna te spartelen in het water. Na de lunch gaat Laurens voor een solo-kajak rondje terwijl Christina van het zonnetje geniet. Aan het einde van de middag varen we terug naar Cat Ba Island. We zien nu het gedeelte van het eiland dat bewoond is en ook vooral veel hotels heeft. Het hotel waar wij in verblijven is lekker luxe en heeft een magnifiek uitzicht over de baai. Met twee Polen en een meisje uit Singapore eten en drinken we die avond wat.

De dag erop is het weer helaas niet beter. We slapen uit, lopen naar het strand en duiken daarna snel een strandtent in. Onder het genot van een warme chocolademelk zien we de hoge golven op het strand beuken. We worden nog aangesproken door Mr. Hai die ons met zijn motor wil rondrijden. Het is een bekend fenomeen in dit deel van Vietnam. Ze staan bekend onder de naam 'Easyriders' en dit is iets wat we ook graag enkele dagen wilden doen. We besluiten er nog een dag over na te denken. Als we de volgende dag in een internetcafé de weersvoorspellingen bekijken weten we genoeg. We bedanken Mr. Hai en boeken een vlucht naar Ho Chi Minh City (Saigon) voor de volgende dag. De rest van deze zaterdag vermaken we ons met het filmkanaal 'Starmovies' (non-stop films!) in de hotelkamer. 's Avonds laten we een lekkere pizza bezorgen.

Voor de dag erna hebben we een stedentour geboekt. Even lekker makkelijk de highlights van de stad bekijken. Samen met een Duitser en een familie uit Singapore worden we door een gids rondgeleid. We rijden eerst met de bus naar 'Reunification Palace'. Het presidentiële paleis waar de communisten op 30 april 1975 met hun tanks naar binnenreden, de dag dat Saigon zich overgaf aan de Viet Cong. Hierna zien we de Notre Dam kathedraal en het postkantoor dat in Frans koloniale stijl is gebouwd. We lopen over de markt en eten bij een Chinees restaurant. In de middag bezoeken we na een korte stop bij een tempel het 'War Remnants' museum. We krijgen er de gruwelheden van de oorlog te zien. Veel foto's, nagemaakte tiger cages (waar Viet Cong werd vastgehouden) en de nodige oorlogsattributen.
Dinsdag slaapt Christina lekker uit en gaat Laurens naar de Cu Chi tunnels. Deze tunnels op 30 km afstand van Saigon zijn door de Viet Cong gebruikt om het Amerikaanse leger tegen te houden. Het netwerk bestaat uit meer dan 200 km aan tunnels. Met een groepje lopen we door het gebied. Onder wat blaadjes komt een heel smalle opening tevoorschijn. Het is een verschuilde toegang naar de tunnels. Laurens probeert erin te komen, maar dat past natuurlijk niet! We vervolgen onze weg en zien enkele boobytraps die de Viet Cong gebruikte tegen de Amerikanen. Laurens schiet daarna nog met een AK47 en een M60. Heftig, maar nog nooit zo snel dollars kwijtgeraakt! Hierna kunnen we zelf de tunnel in. Het is allemaal erg krap en warm in de tunnels (die overigens nog speciaal voor toeristen zijn vergroot). Aan het eind van de middag is Laurens weer in de stad. Die avond eten we weer prima en poolen we er op los in de Guns 'N Roses bar!

De volgende ochtend mogen we weer vroeg uit de veren, want er staat een driedaagse Mekong tour op de planning! We beginnen 's ochtends vroeg op de Saigon rivier. We wrijven de slaap nog even uit onze ogen terwijl we zien hoe het leven op de rivier zich afspeelt. We zien grote en kleine vrachtschepen. Modern en oud. Veel schepen hebben geschilderde ogen op de voorkant. Na drie uren varen, komen aan in de Mekong delta. Een andere boot voert ons vervolgens naar één van de dorpjes in dit geweldige gebied. We proeven van de lokale lekkernij en stappen daarna in een sampan (Vietnamese roeiboot). Deze voert ons naar een eiland, waar we lunchen en een wandeling maken. Na een boot-bus-bootrit komen we aan op An Binh eiland. Onze gids neemt ons mee naar het guesthouse waar we vanavond zullen slapen. We krijgen een kookles van de familie om daarna heerlijk van ons gebrouwen diner te genieten. We drinken een biertje en spelen een potje pool om daarna te gaan slapen.

De dag bestaat uit verschillende boottochtjes, een bezoek aan één van de eilanden en een fietstocht. Tijdens de fietstocht raken we aan de praat met Anja en Mathijs, een Nederlands stel. De nacht brengen we met de groep door op een boot die de hele nacht doorvaart richting de grens met Cambodja. We slapen met zijn allen in het ruim..het lijkt wel een schoolreisje!
Op zaterdagochtend staan we vroeg op om de drijvende markt van dichtbij te zien. We hadden er wel iets meer van verwacht, maar het is nog steeds leuk om de boten met verschillende waren te zien liggen. Met roeiboten worden we naar een visdorp gebracht, waar iedereen op het water woont en de vissen onder hun huis gevangen worden. Daarna gaan we door naar een dorp waar de Cham woont, een moslim minderheidsgroepering. Veel Vietnamezen in het zuiden zijn overigens katholiek, dus we hebben de nodige kerken al zien staan. We wandelen door dit kleine dorpje met aan de hoofdstraat een moskee. Na dit bezoek stappen we op de boot die ons in een aantal uren naar de grens voert. De bootrit is zeker geen straf, heerlijk weer en onwijs gezellige mensen! Bij de grens eten we een lekkere lunch en na de grenscontrole stappen we in de boot die ons uiteindelijk vlakbij Phnom Phen afzet. Hier begint ons avontuur in Cambodja en we hebben er zin in!
Laos, een oase van rust!
Laos is het meest relaxte land wat we tot nu toe hebben bezocht. Geen agressieve verkopers, met smog gevulde steden of razend verkeer, heerlijk! Van 1893 tot 1955 behoorde Laos tot de Franse kolonie en het is dan ook het eerste Aziatische land waar we stokbrood kunnen kopen. We komen ook verdacht veel Franse bistros tegen, Frans getinte gebouwen en natuurlijk; Franse toeristen! Laos staat tevens bekend als één van de meest gebombardeerde landen ter wereld en er wordt nog steeds met man en macht gewerkt om het land ‘bomvrij' te krijgen. Een proces dat nog jaren gaat duren en veel hinder veroorzaakt voor lokalen. Veel land kan niet worden gebruikt voor landbouw en er gebeuren nog steeds veel ongelukken doordat mensen in aanraking komen met rondzwervende bommen.

Op donderdag bekijken we de hoogtepunten van de stad. We lopen eerst naar Wat Si Saket, de oudste tempel van de stad. Mooi, maar omdat we al zoveel tempels gezien hebben zijn we er snel doorheen. We vervolgen onze weg naar Patuxai, een slechte replica van Arc de Triomphe, gebouwd ter nagedachtenis van omgebrachte Laotianen in de oorlog. We lopen nemen een songthaew naar het belangrijkste nationale monument van Laos. Pha That Luang is een enorme gouden Stoepa, welke symbool staat voor het Boeddhistische geloof en de soevereiniteit van Laos. Er mooi! 's Avonds besluiten we de Lao-massage maar eens uit te proberen. We kiezen voor de massage van een uur, maar na 30 minuten geven we aan dat het wel genoeg is, wat een slechte massage! We slapen er niet minder om en hebben nu al zin in morgen; Vang Vieng, here we come!

Op zaterdag begeven we ons na het ontbijt naar Green Discovery, het reisbureau waar we onze kajaktrip hebben geboekt. Omdat ons hotel voor de volgende dag is volgeboekt besluiten we echter terplekke om een tweedaagse trip te gaan doen waar een overnachting en het kajakken bij inzit. Dat geeft ons voor vandaag een vrije dag. De vluchten vanuit Luang Prabang naar Hanoi schijnen erg druk te zijn dus we boeken vast een vlucht die vertrekt op 18 november. Alle vluchten met Vietnam Airlines zijn al vol dus zijn we aangewezen op Lao Airlines (dat wordt spannend!). Tuben over de Nam Song is één van de meest favoriete bezigheden van toeristen in Vang Vieng, dus dat moeten we uitproberen! We huren een tube en worden met een songthaew acht kilometer stroomopwaarts bij de rivier gedropt. We springen in de tube en dobberen in het zonnetje de rivier af, toppie! Na een kilometer of vijf relaxen en spartelen door de kleine stroomversnellingen horen we wat pompende muziek verderop. Als we aankomen zien we langs de rivier uitgebreide barren met ligbedden, muziek, grote tarzanswings en veel ladingen tubers en kajakkers! We worden bij één van de tenten naar binnen gehengeld en nuttigen enkele welverdiende Beer Lao. We hebben uitzicht op de tarzanswing en dat moeten we zelf ook proberen natuurlijk! Van ruim zeven meter hoogte spring je vanaf een platform met het touw in je handen, op het hoogste punt loslaten en met een knal het water tegemoet, oh yeah! Rond een uur of vier duikt de zon zich al enigszins achter de bergen en voordat het te koud wordt, tuben we verder de rivier af. We stappen bij ons hotel uit en nadat we de tube hebben teruggebracht, eten we nog wat om daarna ons bed maar eens op te zoeken.

We ontbijten de volgende ochtend aan de Nam-Song rivier en stappen daarna in onze kajaks. Na een aantal leuke rapids en een paar uurtjes kajakken, lunchen we gezellig aan de rivier. Halverwege de middag komen de tarzanswings en barren ons alweer tegemoet. De tarzanswing is weer lachen geblazen en na een potje volleyballen, peddelen we verder richting Vang Vieng. We nemen in ons hotel een lekkere douche, eten in ons favoriete dorp en zoeken daarna vroeg ons bed op.

Het leven van een wereldreiziger is best zwaar en donderdagochtend slapen we dan ook even lekker uit. We wandelen wat door Luang Prabang, maar gezien de temperatuur besluiten we in een busje te springen die ons naar een nabijgelegen waterval brengt. Dat is tenminste de bedoeling! Een half uur na de afgesproken vertrektijd staan we nog steeds op dezelfde plaats. Er blijkt een passagier te veel zijn die ze niet kwijt kunnen. In plaats van oplossingsgericht te denken wordt er een half uur gebruikt om uit te zoeken hoe dit probleem is ontstaan (er zitten ondertussen meer dan 15 mensen te wachten in busjes zonder airco!). Uiteindelijk wordt de passagier bij een aantal anderen op schoot gezet en kunnen we toch nog naar de waterval (geduld is een schone zaak, zucht!). 25 kilometer verderop wandelen we een bosachtige omgeving in en komen langs een beeropvangcentrum en een tijger in een kooi. Het dier loopt zenuwachtig heen en weer terwijl de omstanders foto's van dit gigantische dier maken. We hebben ondertussen wel door dat Azië niet het meest diervriendelijke continent is! We bezoeken de waterval en Laurens neemt een verfrissende duik in het helderblauwe water. Op de terugweg stoppen we bij een Hmong dorpje (een van de minderheidsvolkeren in Laos). Er lopen opvallend veel kleine kinderen rond en ze verwachten dat we natuurlijk overal wat kopen. Een van de toeristen deelt leerboeken uit met veel kleurige plaatjes, een erg goed idee!

Terug in Bangkok en op naar Laos
Na al het strandvertier hebben we ook wel weer even zin om in Bangkok te kijken. Er zijn nog een aantal dingen die we graag willen zien en doen. Na ons busritje doen de files aan het eind van de middag al vertrouwd aan en als we weer inchecken bij het Trang hotel voelen we ons weer helemaal thuis. We moeten helaas wel drie keer van kamer verwisselen, omdat ze ons met een kamer, die stevig onderdoet voor wat we eerder hadden, denken op te kunnen zadelen. Al snel zitten we daarna in de taxi richting Siam Squarre. We lopen door de moderne shopping-malls en als we verderop wat muziek horen gaan we natuurlijk even kijken. Er is een Halloween festival gaande en we zien een populaire Thaise band zijn kunstje doen, gezellig! Bij ‘The Pizza Company' schuiven we wat Italiaans voedsel naar binnen terwijl we uitzicht hebben op het plein waar het festival plaatsvindt. Daarna struinen we door de shopping-malls op zoek naar een bioscoop. Bijna iedere winkeltoren heeft hier zijn eigen bioscoop en we hadden al gelezen dat een bezoekje hieraan erg speciaal kan zijn. Als we onze kaartjes gekocht hebben en de zaal inlopen begrijpen we waarom. We zijn terecht gekomen in een super VIP privé bioscoop! De zaal is ruim en er zijn slechts rond de 50 zitplaatsen, maar dat zijn me toch zitplaatsen! De stoelen zijn van het type ga-maar-zitten-en-relax-to-the-max. Lekker groot en zacht en er zit een afstandsbediening bij waarmee je hem kan verstellen. We lachen ons rot als we dit doen. De hele stoel beweegt en voordat we het weten liggen we languit met een kleedje over ons heen te genieten van de film ‘Stardust'. Leuke film! Na dit avontuur keren we terug naar ons hotel voor een welverdiende nachtrust.

De volgende dag zien Laurens en Alfons een beetje sightseeing nog wel zitten en bekijken achtereenvolgens Lumphini park, Siam Squarre bij daglicht en enkele mooie koninklijke boten die aan het oefenen zijn op de rivier voor het 80e verjaardagsfeest van de koning.
Christina laat haar haar verlengen (aka hairextensions) en shopt er stevig op los. Voor het avondmaal hebben we een Thai vegetarisch restaurant uit de Lonely Planet gezocht. Het kost wel behoorlijk wat moeite om hem te vinden, maar dat lukt uiteindelijk. Na de zeer goedkope maaltijd gaan we terug naar het hotel om wat dingen te regelen. We branden cd's met foto's en geven een volle tas met kleding, souvenirs en spullen mee aan Alfons die vanavond (helaas!) terugvliegt naar Nederland. Het is inmiddels bijna middernacht als we Alfons in de taxi naar het vliegveld zien wegrijden. We hebben in drie weken Thailand met Alfons echt gigantisch veel meegemaakt, super!

Na al die avonturen met Alfons zien we een dagje chillen, relaxen en niksdoen wel zitten. De zaterdag wordt dan ook gevuld met niet al te veel spannende dingen. We checken in bij een goedkoper hotel dat praktisch aan Kao San road zit en genieten daar vooral van de uitstekende internetfaciliteiten.
Ook zondag doen we het nog even rustig aan. We kopen voor de volgende dag treintickets voor de nachttrein naar Nong Khai, een plaatsje bij de grens van Laos. In de loop van de middag gaan we richting Siam Squarre om daar in het MBK (bekende en grote shopping-mall) wat rond te neuzen. Op de vijfde verdieping zit een groot ‘foodcourt' waar we wat eten. We gaan daarna nog naar de bioscoop. Eentje die we ook in Nederland gewend zijn (gelijk ook een stuk goedkoper). Voordat de film begint moeten we nog een uurtje wachten en omdat de bowling baan op dezelfde verdieping zit van deze toren, de 6e, besluiten we wat balletjes te rollen. We gooien beide uitstekend al zeggen we het zelf! Na de film terug naar Kao San road waar we onder het genot van de nodige Singha biertjes een uitstekende rockband aan het werk zien. Ze spelen Jimmy Hendrix, Metallica, Black Sabbath en Guns n' Roses..wat wil je nog meer!

Zon, strand en zee: Ko Samui, Pattaya en Ko Samet
Op 23 oktober landen we aan het begin van de middag op het vliegveld van Ko Samui. Een prachtig tropisch eiland aan de oostkust van Thailand. Beetje jammer alleen dat het weer even niet meewerkt..het regent! We nemen een taxi naar het strand met de mooiste zonsondergang; Bo Phut. We checken in bij een prachtig resort vlak aan zee. De volgende dag is het weer gelukkig wat beter dus we relaxen er behoorlijk op los bij het strand en zwembad van ons resort. Later die dag wandelen we richting Chaweng, het grootste dorp op dit eiland. Er ligt zoveel water op de weg dat we na een tijdje maar besluiten om een songthaew te nemen. Deze kun je overal aanhouden en ze zetten je af waar je wilt op de route die ze afleggen, erg handig en goedkoop! Het strand bij Chaweng is een stuk groter dan Bo Phut en meteen ook een stuk gezelliger. Overal leuke strandtentjes, muziek en jetski's. We eten iets in één van de vele strandtenten en besluiten dat we morgen willen inchecken bij een hotel aan dit strand. We kijken vast al een beetje rond voor een goede optie. Daarna even internetten in één van de vele internetcafe's en na het avondeten terug naar Bo Phut. De volgende dag gaan we bepakt en bezakt richting het strand van Chaweng. De golven zijn ook een stuk beter aan dit strand, dus Christina springt op een plank om te gaan bodyboarden! Laurens en Alfons proberen het jetskiën uit en daarna wordt er nog even met zijn drieën gebodyboard. Als we zijn uitgespeeld, maken we ons klaar om te gaan ‘dineren' bij Prego, een super-de-luxe pizzeria iets buiten het centrum van Chaweng. We worden op onze wenken bediend en het eten/interieur is hier geweldig! Laurens krijgt het wel een beetje benauwd wanneer zijn persoonlijke serveerster na iedere slok zijn bier komt bijvullen, maar dat mag de pret niet drukken! Laurens en Alfons checken daarna nog even Club Q. Helaas niet veel publiek, dus de mannen begeven zich na een paar potjes poolen (Laurens maakt Alfons finaal in) al vrij snel naar het hotel om te gaan slapen.


's Avonds verkennen we de bekende ‘Walking Street' van Pattaya. Overal neonverlichting en veel barren met roze lampen om aan te geven dat heren hier welkom zijn om ‘contact' te leggen met de Thaise dames (en lady-boys). Als Alfons en Laurens één van de vele barren passeren, beginnen de meisjes te joelen! Ze willen natuurlijk ook wel eens iets anders dan een oude kerel met een bierbuik. Na een heerlijk ijsje bij Haagen Dasz (ja, ook die hebben ze hier), gaan we terug naar het hotel om lekker te slapen. De volgende ochtend verbazen we ons tijdens het ontbijt over het aantal mannen van rond de 40/50 die met een meisje van 20/25 hier gezellig aan tafel het ontbijt wegwerken. Er worden weinig woorden gewisseld tussen de meeste stellen, maar daar worden ze natuurlijk ook niet voor betaald. Na het ontbijt stappen we in een songthaew naar Jomtien beach. Het strand is vrij smal en bezaaid met strandstoelen en parasollen. We gaan lekker zitten en krijgen meteen een drankje aangeboden. Vervolgens krijgen we vers fruit aangeboden, gegrilde vis, strandballen en ijsjes, de hele middag door. Eén van de verkopers begint driftig de kuit van Alfons te masseren om hem alvast een voorproefje te geven op wat zij hem kan bieden. Als Alfons haar even goed duidelijk maakt daar geen behoefte aan te hebben, haakt ze toch maar af. Er zijn vooral Thaise gezinnen op het strand. Ze komen vanuit Bangkok naar Pattaya voor een heerlijk weekendje weg. 's Avonds pakken we een songthaew naar een bowlingbaan. We worden afgezet in een donker buurtje en na wat rondlopen, hebben we de bowlingbaan nog steeds niet gevonden. We hebben ondertussen honger gekregen en schuiven aan bij een Koreaans restaurant. We gaan op onze hurken zitten aan een tafel en pakken de menukaart erbij. Er staat voor ons geen begrijpelijke taal op, maar we weten één van de medewerkers duidelijk te maken dat we in ieder geval geen vlees willen. De bakjes met voedsel die ze ons voorschotelen zien er op het eerste gezicht goed uit, maar we ontdekken al snel dat dit niet onze favoriete keuken is. Als we een bak met stinkend vocht, schelpen, ei en wat sliertachtig spul voorgeschoteld krijgen, rekenen we snel af en maken ons uit de voeten, doe ons maar boerenkool! We nemen een taxi die ons daadwerkelijk afzet bij een bowlingbaan. Er worden een paar stevige potjes gebowld, tafelvoetbal en kick-kick gespeeld. Later op de avond drinken we nog een paar borrels bij een gezellige tent met live band aan de Walking Street.

Dinsdagochtend worden we met de speedboot naar onze eerste snorkelplaats gebracht. We zwemmen met onze snorkelgear een tijdje rond om daarna door te gaan naar het volgende eilandje voor een lunch en wat relaxation. Daarna brengt de speedboot ons nog naar een derde eiland om te snorkelen, waarna we terugscheuren naar Ko Samet. Hier worden we afgezet bij een soort openluchtaquarium: allerlei verschillende soorten vissen en schildpadden bevinden zich in met netten afgescheiden vakken in de zee. Om de vissen te bekijken moeten we ons voortbewegen over dunne planken ondersteund door lege tonnen. Het water is behoorlijk wild en het kost moeite om niet in één van de vakken te vallen (met haaien, roggen etc.). Christina en Alfons besluiten om op de knieën het geheel maar te bekijken. Het is een heel avontuur en een leuke afsluiting van de tour. 's Avonds aanschouwen we de dagelijkse vuurshow nog een keer en duiken daarna met een Nederlands stel de kroeg in. We pakken nog net de laatste nummertjes van een live band mee die lekkere rock nummers speelt. We maken nog wat moves op de dansvloer en gaan daarna lekker slapen.

Woensdag slapen we even uit. Na een verfrissende duik in de zee, nemen een lekker ontbijt en springen daarna met z'n drieën op de bananenboot. De speedboot neemt een aantal scherpe bochten, waardoor we meerdere malen met een zwiep in het water terecht komen. We hebben het zittend, staand, liggend en hangend geprobeerd, maar het lukt niet om bij de bochten te blijven zitten. We pakken onze tas in en stappen rond half twee op de boot die ons weer naar de kust brengt. Een minibus brengt ons vervolgens in ongeveer vijf uur naar Bangkok waar we onze laatste dagen met Alfons zullen doorbrengen.
De oude steden van Thailand: Ayuthayya, Sukhothai, Lampang en Chiang Mai!
Vandaag laten we Bangkok achter ons en vertrekken richting het noorden van Thailand. We worden 's morgens opgepikt door onze gids voor vandaag. De Thaise gids heeft duidelijk een aantal vrouwelijke trekjes en kijkt opvallend vaak naar de stevige bovenarmen van Alfons. We zijn in Thailand richting het einde van het regenseizoen en dat is duidelijk te zien aan de waterstand van de rivieren. Tijdens onze rit naar Ayuthayya passeren we een dorp waar de mensen meer dan een meter water in hun huis hebben staan en wanhopig proberen het water tegen te houden. Ook de straten staan ver onder water en een aantal auto's zijn alleen nog te herkennen aan het dak dat net boven het water uitkomt. Het voelt een beetje alsof we naar een film zitten te kijken. Na anderhalf uur komen we aan in Ayuthayya. Deze stad was van 1350 tot 1767 de hoofdstad van Thailand, totdat na een tweejarige oorlog de Birmezen de stad veroveren. De koninklijke familie vlucht naar Thonburi (vlakbij Bangkok) en de Birmezen vernietigen de architectuur en religieuze schatten van de stad. We brengen een bezoek aan het Bang Pa-in paleis, de vroegere verblijfplaats van de koninklijke familie. Dit complex wordt overigens nog steeds voor bepaalde gelegenheden gebruikt door de koning en zijn aanhang.
Het Bang Pa-in paleis laat weer zien hoe belangrijk de koninklijke familie is voor de Thaise bevolking. Het is ongelofelijk goed onderhouden, netjes en schoon. Bij ieder gebouw moeten de schoenen uit en als we de oude verblijfplaats van de koning willen betreden, moet Christina, uit respect voor de koning, een Sarong om. Hierna bezoeken we Wihaan Phra Mongkhon Bophit, een tempel met de grootste bronzen zittende boeddha van Thailand. De houdingen van de beelden, staan voor een bepaalde periode uit het leven van Boeddha. Zo is een zittende boeddha aan het onderwijzen of mediteren. We gaan door naar Wat Phra Si Sanphet. Deze tempel vormde het koninklijke paleis vanaf de stichting van de stad tot de 15e eeuw. De ruines zijn duidelijk zwaar beschadigd door onder andere de Birmezen, maar daardoor zeker niet minder indrukwekkend!


Lampang staat in Thailand ook wel bekend als ‘paard-en-wagen-stad'. Lampang is namelijk de enige stad waar men paard en wagen nog als transportmiddel gebruikt en daar gaan wij deze ochtend eens even gebruik van maken. Onze paardjes brengen ons langs verschillende interessante tempels en een oud teakhouten huis. Na anderhalf uur nemen we afscheid van de paarden en hun Thaise bestuurders. Er staat een minibusje voor ons klaar die ons in twee uren naar Chiang Mai brengt. Chiang Mai heeft meer dan 300 tempels, bijna evenveel als Bangkok. We bezoeken Wat Phra Singh en Wat Chedi Luang (nog 298 te gaan). De tempels hebben veel houtsnijwerk en kleur, toch weer anders dan Wat we eerder hebben gezien in Thailand. Na onze eerste kennismaking met Chiang Mai relaxen we even in het hotel. 's Avonds bezoeken we één van de vele avondbazaars van Chiang Mai en drinken we een bananenshake op het terras. Daarna gaan we nog even ruig op stap in 'Bubbles' en maken kennis met verschillende Thaise dames. Daarna snel naar bed, want de volgende ochtend moeten we weer vroeg op!


Bangkok: de eerste dagen in Thailand
Bepakt en bezakt wachten we voor ons hotel in Kathmandu op onze transfer naar het vliegveld. Pas drie kwartier later zitten we eindelijk in de taxi. De chauffeur had nogal moeite met het vinden van ons hotel. Ook het vliegtuig heeft vertraging en we landen pas rond zes uur op het vliegveld van Bangkok. Op zich is dat geen straf aangezien de service van Thai Air erg goed is. Laurens maakt meteen gebruik van de gelegenheid om zijn eerste Thaise biertje te nuttigen. Ondanks dat het donker is, zien we meteen dat Bangkok een megagrote, moderne stad is. We horen later dat hier 16 miljoen mensen wonen, dat is heel Nederland in één stad! Nadat we zijn ingecheckt bij ons hotel, lopen we naar Kao San Road. Als we samen met alle andere toeristen en Thaise jongeren door deze straat lopen, kijken we onze ogen uit. We horen overal muziek, zien straatstalletjes met kleding, eten en zelfs cocktails. Bevallige Thaise dames proberen ons een bar in te lokken en we krijgen door een Thai onze eerste pingpong show aangeboden. In plaats daarvan eten we een lekker broodje falaffel en genieten van de parade die hier op straat plaatsvindt. In een met discolampen verlichte tuk-tuk gaan we terug naar ons hotel. Met de eerste indrukken van Bangkok op ons netvlies sluiten we onze ogen.



Relaxen, raften en rijden op een olifant in Nepal
Vandaag maken we de grensovergang van China naar Nepal. Zoals we gewend zijn, moeten we twee uren wachten voordat we door Chinese immigratie zijn. Gelukkig zijn we met nog meer dan vijftig wachtende toeristen, dus erg gezellig! Na de grensovergang gaan we met een taxi naar het Nepalese grensplaatsje Kodari. Het viel ons vanmorgen al op dat de omgeving veel groener is dan wat we de afgelopen weken in Tibet zijn gewend. Bij de Nepalese grens halen we voor 30 dollar per persoon een visa en wandelen dan officieel onze bestemming voor de aankomende tien dagen binnen; Nepal! Na veel onderhandelen met verschillende chauffeurs, vinden we uiteindelijk iemand die ons voor 90 dollar naar Kathmandu wil brengen. We rijden met uitzicht op bergen, rivieren en watervallen naar Katmandu Valley. De rit duurt normaal gesproken rond de vijf uur, maar gezien de rijstijl van onze Nepalese chauffeur rijden we na drie uur Kathmandu binnen.

Het valt ons meteen op dat het verkeer hier totaal niet gereguleerd is, we kijken elkaar regelmatig angstig aan en zijn blij als we heelhuids aankomen bij onze eindbestemming. We vinden een heerlijk hotel in de Thamelregio van de hoofdstad. Na een lekkere douche besluiten we een hapje te gaan eten. Het centrum van Thamel is erg chaotisch. De meeste straten zijn niet bestraat en het wemelt hier van de auto's, brommers, motors, rickshaws, fietsers en voetgangers. We kijken onze ogen uit, dit is wel even wennen na de vlaktes van Tibet! Tot onze verbazing komen er regelmatig Nepalezen op ons af die ons marihuana willen verkopen. Als we de geschiedenisboeken erop naslaan, schijnt Nepal in de jaren ‘60 en ‘70 een behoorlijke hippieperiode te hebben gekend. Ondanks dat het gebruik van marihuana illegaal is, wordt het nog volop aangeboden en gebruikt. We eten heerlijk bij een van de vele (westerse) restaurants in deze regio. Na het eten verkennen we Thamel nog even en gaan daarna heerlijk slapen op een bed met een ECHT matras!
Vrijdag slapen we lekker uit en boeken na het ontbijt onze vliegtickets naar Bangkok, een dagje raften en een tweedaagse trip naar nationaal park Chitwan. We lopen daarna naar één van de belangrijkste bezienswaardigheden van Kathmandu; Durbar Square. Durbar Square is één van de drie koninklijke paleispleinen in Kathmandu. Het Hanuman Dhoka Paleis was de koninklijke verblijfplaats tot en met de 19e eeuw. Tot op de dag van vandaag vinden er nog belangrijke ceremonies plaats. Naast het paleis is Durbar Square het centrum van verschillende tempels en pleinen. De meest vreemde attractie is de Kumari Chowk. Deze kooi lijkt op een soort tempel en is de verblijfplaats van een jong meisje. Zij is volgens een oud en mystiek proces verkozen tot de menselijke reïncarnatie van de moedergod van het Hindoeïsme. Ze wordt aanbeden tijdens verschillende religieuze festivals en laat zich soms zien aan het publiek. Bij de eerste tekenen van volwassenheid wordt er een nieuwe godin gekozen. Wij vinden het maar zielig dat zo'n jong meisje wordt afgesloten van de buitenwereld! Om een mooi overzicht te krijgen van de chaos in en rond Durbar Square, nemen we plaats op de bovenste trede van één van de tempels. Het is duidelijk dat Nepal geen rijk land is, volgens statistieken leeft meer dan de helft van de bevolking beneden de armoedegrens. Bedelende vrouwen en kinderen komen veel voor in Nepal. Dit heeft deels te maken met het feit dat zowel het hindoeïsme als boeddhisme het doen van giften aanmoedigt. We worden in Durbar Square vooral aangesproken door kleine kinderen en hoe lastig het ook is, we geven de kinderen geen geld. Het schijnt dat ze dan worden bestolen of in elkaar worden geslagen en het geven van geld zal de kinderen alleen maar aanmoedigen om de straat op te gaan. We zien één van de toeristen een kind koekjes en frisdrank geven. Tot onze verbazing rennen ze ermee rond en spelen ermee, zo'n honger en dorst hebben ze dus ook wer niet. Desondanks blijft het een triest straatbeeld.

Na een lekkere dag van ontspanning, maken we ons zondag klaar om te gaan raften op de Trisuli rivier. Na een busreis van twee uren worden we afgezet bij het startpunt. De rivier is vrij rustig en we worden eerder nat van de watergevechten onderling dan van de rapids. Na ons avontuur nemen we afscheid van Tim, met wie we bijna drie weken hebben rondgereisd, snik! Hij gaat naar Phokara voor een Annapurna trekking (iets wat wij ook echt nog eens willen doen trouwns!) en wij rijden door naar Chitwan National Park waar we verblijven in een hutje midden in de jungle. Als we aankomen is het al donker en we gaan dan ook lekker vroeg slapen. Het is een vochtige, erg hete omgeving zonder airco, waardoor vooral Laurens een zware nacht heeft. Gelukkig maakt de olifantenrit om 06:00 in de ochtend alles goed! De omgeving is hier geweldig! Tijdens onze rit zien we neushoorns in actie, reeën en apen. Na onze indrukwekkende rit krijgen we een heerlijk ontbijt. Het is hier ontzettend rustig, waardoor we echt alle aandacht krijgen van al het personeel. Na het ontbijt krijgen we een korte introductie over de vogels en planten in dit park. Het meest leuke aan de hele rondleiding is het feit dat we langs de olifantenstal komen waar we de dieren van dichtbij kunnen bekijken, super! Voor de rondleidingen worden alleen vrouwtjes gebruikt, ze zijn vaak rustiger dan de mannetjes en hebben geen last van bronstigheid. Er leven in dit gebied ook wilde olifanten en een aantal jaren terug is één van de vrouwtjes bevrucht door een wild mannetje. Zo kunnen we nu ook een klein olifantje van tien maanden zien. Ze wil steeds spelen en rent op bezoekers af. Hoe lief dat ook lijkt, dit beest kan je verpletteren dus we blijven maar een eindje uit de buurt. Om half drie krijgen we een olifantenbriefing. Het komt erop neer dat één van de gidsen ons met behulp van een levend exemplaar de verschillen uitlegt tussen de Afrikaanse en Indische olifant. Het is geweldig om dit enorme dier van zo dichtbij te kunnen bekijken. Na de introductie mogen we nog via de slurf dit gigantische beest beklimmen. Je stapt via de slurf op de kop, waar je dan even hulpeloos blijft liggen, hoe kom ik nou op de nek zonder met mijn voeten in haar ogen te steken? Na deze geweldige ervaring relaxen we even in onze hut. 's Avonds hebben we nog een ouderwetse diashow over Chitwan, waarna we lekker gaan slapen in een gelukkig iets koelere omgeving dan gisteren.

De volgende ochtend zitten we om 6:00 weer op de olifantenrug en banen we ons een weg door de jungle. Het is indrukwekkend hoe deze kolossale dieren zich voortbewegen. Ze richten ondanks hun grote lichamen weinig schade aan en met hun zachte poten laten ze weinig sporen na. De olifant wordt bestuurd door een pahit en met korte commando's doen de beesten precies wat ze willen. Met een enkele kik grijpt het beest met zijn slurf gigantische takken om de weg voor ons vrij te maken. Aangezien een olifant 200 kilo voedsel per dag nodig heeft, neemt hij onderweg regelmatig halve bomen mee om zijn honger te stillen. Tijdens deze rit zien we de geweldige luipaard. Deze gigantische kat kijkt ons vanuit één van de bomen doordringend aan, geweldig! We zien nog een aantal neushoorns een grote hagedis. Na het ontbijt worden we op de lokale bus gezet en worden we in vijf uren teruggebracht naar Kathmandu. We kiezen ervoor om een aantal dagen lekker rustig aan te doen. Op vrijdag brengen we nog een bezoek aan Durbar Square. Op zaterdag staan we vroeg op, want vandaag gaan we (weer) raften. Ons ritje op de Trisuli was leuk maar verre van spannend. De Bhote Kosi belooft wat meer spannende momenten met rapids van niveau drie tot vier+. Er moet nog een andere groep worden opgehaald, waardoor we nog twee uren moeten wachten tot we vertrekken! We hebben al eerder geconstateerd dat de definitie van dienstverlening hier heel anders is dan in Nederland. De Nepalezen doen alles in de tijd van de betalende toerist, zeker geen goede plek voor ongeduldige mensen. Het raften is overigens geweldig en een hele ervaring! Na twee uren worden we weer opgehaald door een bus die ons terugbrengt naar Kathmandu. Nepal is een geweldig land met verschillende gezichten. Het is jammer dat we niet meer tijd hebben om het land te bekijken. Voor nu bereiden we ons voor op het vertrek naar het land van de glimlach; Thailand!